
Leestijd: 2 minuten
Misschien heb je de termen glycemische index (GI) en glycemische lading (GL) weleens gehoord. Beide zeggen iets over de invloed van voeding op je bloedsuikerspiegel, maar ze betekenen niet hetzelfde.
Wat is de glycemische index?
De glycemische index geeft aan hoe snel koolhydraten uit een product worden opgenomen en je bloedsuiker laten stijgen. Hoe hoger de score, hoe sneller die stijging.
Voorbeelden van producten met een hogere GI zijn witbrood, frisdrank en snoep. Producten met een lagere GI zijn vaak havermout, peulvruchten en veel groenten.
Wat is glycemische lading?
De glycemische lading kijkt niet alleen naar de snelheid, maar ook naar de hoeveelheid koolhydraten in een portie. Dat geeft vaak een realistischer beeld.
Bijvoorbeeld: watermeloen heeft een relatief hoge GI, maar bevat weinig koolhydraten per portie. De glycemische lading is daardoor alsnog laag.
Waarom is dit interessant?
Voeding met een lagere GI of GL kan helpen om grote pieken en dalen in je bloedsuiker te beperken. Dat kan positief werken op je energie, verzadiging en mogelijk ook op huidklachten zoals acne.
Hoe pas je dit praktisch toe?
Je hoeft echt niet alles te berekenen. Kleine swaps maken al verschil. Hieronder een 5 praktische tips!
1. Beperk snelle piekmomenten
Denk aan: koek, snoep, frisdrank, vruchtensappen & wit brood
2. Kies vaker voor langzamere koolhydraten
Denk aan: volkoren granen, (groene blad)groente & peulvruchten
3. Eet koolhydraat bewust
Koolhydraten zijn zeker niet slecht. Zorg vooral voor een goede balans tussen koolhydraten, vetten en eiwitten.
4. Kleed je koolhydraten aan
Combineer koolhydraten met eiwitten en vetten. Daardoor verloopt de opname vaak geleidelijk.
Bijvoorbeeld: een stuk fruit met een handje noten.
5. Beweeg
Beweging helpt bij het reguleren van de bloedsuikerspiegel en ondersteunt de insulinegevoeligheid. Mooi meegenomen dus.
Belangrijk om te onthouden
De glycemische index is een hulpmiddel. Je totale voedingspatroon blijft altijd belangrijker dan één losse score.







